Afgelopen zomer verscheen in meerdere media het bericht dat de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) diverse Nederlandse kranten had beboet voor hun berichtgeving over ‘afslankmedicijnen’. Aangezien ook de beboete kranten zelf meermaals de publiciteit zochten, is niet verwonderlijk dat deze boeteoplegging de nodige publieke aandacht kreeg. Veel aandacht ging daarbij uit naar de principiële discussie over persvrijheid, censuur en vrijheid van meningsuiting.
Ik had echter een andere vraag. Zijn de boetebesluiten waarom de gehele discussie draait, eigenlijk wel te raadplegen? Wellicht hadden de kranten zelf de besluiten gepubliceerd die aan hen waren opgelegd, bedacht ik, maar dat bleek niet het geval. Evenmin trof ik de boetebesluiten op de website van de IGJ aan. Hoewel de website vermeldt dat de IGJ sinds dit jaar het beleid hanteert om ook boetebesluiten te publiceren, was hiervan kennelijk nog geen sprake. Op rechtspraak.nl trof ik weliswaar een rechterlijke uitspraak aan die betrekking had op een boete die eerder aan andere media was opgelegd, maar ook hier bleef de boete zelf buiten beeld.
Maar uitgerekend op 28 september – door de Verenigde Naties uitgeroepen tot International Day for Universal Access to Information – was het dan toch zover en werd een van de boetebesluiten uit de zomer (enigszins) openbaar gemaakt via toezichtdocumenten.igj.nl (ook te raadplegen door als filter ‘bestuurlijke boete’ te hanteren). Op grond van artikel 44 van de Gezondheidswet en het hierop gebaseerde Besluit openbaarmaking toezicht- en uitvoeringsgegevens Gezondheidswet en Jeugdwet is de IGJ namelijk bevoegd een zakelijke weergave van de overwegingen en het zogeheten ‘dictum’ van een opgelegde boete openbaar te maken. Dat kan echter niet onmiddellijk nader de boete is opgelegd: eerst moeten betrokkenen (in dit geval de media waaraan een boete wordt opgelegd) in staat worden gesteld te reageren op de voorgenomen openbaarmaking. Deze reactie wordt bij de openbaarmaking van het besluit gevoegd.
Het document dat op 28 september is gepubliceerd, is ruim twee pagina’s lang (en daarmee teleurstellend kort). Het vermeldt kort de geconstateerde overtreding en de hoogte van de boete, waarbij de IGJ uitgebreid verwijst naar haar beleidsregels inzake boeteoplegging. De publicatie maakt echter amper duidelijk waarom de boete uiteindelijk 51.000 euro bedraagt (anders dan dat dit bedrag de optelsom van twee afzonderlijke boetebedragen voor twee afzonderlijke overtredingen betreft):
“De hoogte van de boete wordt bepaald aan de hand van de van toepassing zijnde omstandigheden. De aard van het product, de ernst van de overtreding bestaande uit de duur, de omvang en het bereik van de overtreding, de verwijtbaarheid, de grootte van de onderneming en recidive worden meegewogen.
Alle omstandigheden van dit geval zijn meegewogen en maken dat het totale boetebedrag in deze zaak uitkomt op €51.000 “
Wat verder opvalt is dat de publicatie uitgebreid ingaat op het vervolg (“IGJ is watching you”), maar niet op de overwegingen die ten grondslag hebben gelegen aan het besluit. Welke rol heeft bijvoorbeeld gespeeld dat sprake is van berichtgeving door media (een omstandigheid die naar verluidt heeft geleid tot verlaging van de boete)? De ‘informatiedichtheid’ van een openbaarmaking in de vorm van een zakelijke weergave van de overwegingen en het zogeheten ‘dictum’ is dus beperkt. Dat beeld wordt nog versterkt door latere berichtgeving in de media, waaruit zou blijken dat de boete op verzoek van een concurrent zou zijn opgelegd. Ook die informatie is niet af te leiden uit de verkorte publicatie van het boetebesluit.
Daarbij komt dat kennelijk in de afgelopen jaren zo’n twintig boetes zijn uitgedeeld voor vergelijkbare overtredingen. Kennelijk heeft de IGJ nog geen aanleiding gezien om die eerdere boetes ook te publiceren, hoewel haar openbaarmakingsbeleid daaraan niet in de weg hoeft te staan. Want openbaarmaking van een enkele beschikking geeft weliswaar enig inzicht in de besluitvorming door de IGJ, maar levert nog (lang) niet een volledig plaatje op.